"Ik wil beelden maken die nog niet gezien zijn, en volstrekt mijn eigen stempel drukken als graficus en illustrator."


donderdag 9 juli 2026

DEEL 1: "Arriba, abajo, al centro, pa'dentro!"

Donderdag 9 juli 2026 is het dan éindelijk zover. s' Ochtends vroeg begeef ik mij, gepakt en gezakt met een rugzak en koffer van om en bij de 15 kg (niet slecht, toch?), naar het station van Herentals. Mijn trein is stipt op tijd. Alvast een prima start van de dag. Ik stap tegelijk op met een dame die geladen is met twee zware koffers. Ze helpt mij bij het instappen, want het opstapje is gevaarlijk hoog. 'Naar waar gaat de reis?', vraag ik nieuwsgierig. 'Naar Madrid'. 'Hé, ik ook!' Ze maakt spontaan plaats vrij, zodat ik tegenover haar plaats kan nemen. Later blijkt dat we zo ongeveer dezelfde reizen hebben gemaakt. We staan perplex over hoe toevallig het leven soms kan zijn. 
Zonder vertraging komen we aan op de luchthaven van Zaventem. De laatste keer dat ik hier was geraakte ik met mijn code niet door het toegangspoortje, maar nu gelukkig wel. Ik ben ruim 3 uur op voorhand aanwezig en begeef mij meteen naar de vertrekhal. Het is er een drukte van jewelste. Het is niet voor niets zomervakantie, realiseer ik mij. Wat een geluk dat er geen staking gepland staat. Deze werd immers enkele dagen geleden afgeblazen. 
Eerst en vooral ga ik mijn 1900 gereserveerde pesos ophalen bij het Ria-kantoor. Hoewel er slechts twee wachtenden voor mij zijn, gaat het tergend traag. Achteraf realiseer ik mij dat ik in het vervolg beter cash geld afhaal in het land van aankomst. Immers, er wordt ruim 25 EURO commissie ingehouden, en dat bedrag is niet bepaald weinig. Wanneer ik uiteindelijk naar de check-in kan gaan, staat er reeds een gigantische rij wachtenden. Het duurt bijna 1,5 uur vooraleer ik aan de beurt ben. Onderzoekend kijk ik rond. Samen met mij staan er immers nog 5 nobele onbekende medereizigers aan te schuiven in de rij. Ik ken reeds hun namen via de whattsappgroep, maar wie zijn zíj? Spannend! Na de controle, die voor de eerste keer in mijn leven vlekkeloos verloopt (!), rep ik mij naar de gate en maak alvast kennis met één medereiziger. Er is helaas geen tijd meer voor een kop koffie, want we moeten dadelijk boarden.
Eenmaal aan boord krijg ik een gunstige plaats, ergens vooraan in het vliegtuig aan het raam. Toevallig zit mijn medereiziger naast mij, hoewel hij zijn vluchten volledig zelf geboekt heeft. En al even toevallig zit de dame die ik in de trein ontmoette vlak voor mij. 'Gaat zij ook mee?', vraagt mijn medereiziger. Voor haar eindigt de reis echter in Madrid. We landen ruim een half uur op voorhand. Maakt dat mee! 

De luchthaven van Adolfo Súarez Madrid-Bajaras is enorm groot. We worden met een bus opgehaald en naar de ingang van het gebouw gebracht, alwaar we simpelweg de borden connections volgen. We hebben slechts 2 uur overstaptijd, en moeten in elk geval al geen ondergrondse metro nemen. We kunnen het traject naar de gate gewoon te voet afleggen, en dit neemt ongeveer een klein kwartiertje in beslag. Fijn om eerst nog even de benen te kunnen strekken, want straks zullen we ruim 9 uur stil moeten zitten. Aan de gate staan twee, ongeveer even lange, rijen. Een vriendelijke man maakt ons er op attent dat we blijkbaar in de foute rij staan. De passagiers voor economy class moeten aan de andere kant aanschuiven. 
In het vliegtuig heb ik andermaal een zeer gunstige plaats. Ik zit vrijwel helemaal vooraan aan de kant in het midden, en vlak naast mij aan het gangpad zit niemand. Ik zit ook vlak aan het toilet, dus dat is erg handig. Dit betekent ook dat ik straks als eerste mag uitstappen, dus hierdoor win ik tijd. Ik kijk door het raampje, en zie de rechthoekige lapjes grond voorbij trekken. Ze nemen alle kleuren bruin aan, van oker over mokka tot donkerbruin en chocolade. Weldra verlaten we het vasteland van Europa en rest er alleen maar de oceaan. Ik probeer wat kruiswoordpuzzels in te vullen en daarna wat te slapen. Ik ben te gespannen om een film te kijken of muziek te luisteren. Jammer dat er geen camera aan boord is, of een online kaart waarop we de route kunnen volgen. Dat is bij Emirates allemaal wel het geval, maar dus niet bij Air Europa
De tijd glijdt snel voorbij. Slapen zit er niet in, want tenslotte is het toch een dagvlucht. Het wordt in elk geval een lange dag. Na af en toe wat turbulentie komen we aan op Cancun International Airport. Wanneer ik uiteindelijk opnieuw door het raampje kijk zie ik één en al donkergroen. Weldra zet ik voet op een nieuw continent! Ook nu slaagt de piloot erin om een half uur van tevoren te landen. Het is intussen 18.15 uur. In tegenstelling tot de luchthaven in Bali, valt er hier totaal geen drukte of file te bespeuren aan de douane. We zijn meteen aan de beurt. De dame aan de douane bekijkt mij ietwat argwanend. Gelukkig ben ik voorbereid en heb ik alle nodige documenten bij om mijn verblijf te kunnen staven, want het blijkt nodig te zijn. Ze vraagt in welk hotel ik verblijf, waarop ik prompt het adres van het eerste hotel toon. Ze zet uiteindelijk een stempel in mijn paspoort en wenst me, toch met enige tegenzin in haar stem, welkom in Mexico. We gaan onze koffers ophalen. Tot nog toe is alles heel vlot verlopen. We moeten deze keer zelfs geen speciale documenten invullen, noch de qr-code van onze visitax* (toeristenbelasting) laten scannen. Ik sta versteld hoe vlot alles gaat! 

Eenmaal buiten worden we overvallen door de vochtige, drukkende hitte. We vinden op de parking snel onze chauffeur. Het aantal mensen dat met bordjes staat de leuren is beduidend minder dan in Indonesië. Er staat ook een groepje te wachten van Shoestring, het Nederlandse zusje van Koning Aap
We worden plots vergezeld van vier nieuwe medereizigers, een gezin van vier. We rijden in een uurtje naar ons eerste hotel, Adhara Express. Eenmaal aangekomen staat een dame met getinte huid en lange zwarte haren ons breed glimlachend op te wachten aan de trappen. Zij stelt zich voor als Desirée, onze lokale reisbegeleidster. We maken kennis met twee andere medereizigers. Zij namen een eerdere vlucht (of liever: 3 vluchten) en zijn hier al een dag. In het hotel zijn waterdispensers aanwezig. 
De anderen zullen zo dadelijk toekomen. Aan de balie kom ik te weten dat ik een kamer deel met iemand. De vier single mannen hebben blijkbaar wel allemaal een éénpersoonskamer geboekt. Ik installeer mij op de kamer. We verblijven hier slechts één nacht. Ongeveer een half uurtje later komt mijn medereiziger toe. Hoewel ik al bijna 24 uur wakker ben, kan ik s' nachts de slaap niet vatten. Is het de spanning? Hitte? Jetlag? Ik word overmand door een lichte paniek.

De volgende ochtend is er een ontbijtbuffet. Stelselmatig maken we kennis met de andere medereizigers. Bij aanvang, aan de ontbijttafel, lijkt het wel een spelletje wie is het? Later volgt er een kort infomoment (en kennismaking) met heel de groep in de inkomhal. De reisleidster maakt enkele concrete afspraken met ons. Ze maakt tevens een aparte groep aan via Whattsapp. Hierin zal ze alle nodige informatie zetten, alsook enkele nuttige of interessante adresjes via google maps. We moeten weldra voor het eerste deel van onze reis elk een bedrag van 5000 pesos geven, bestemd voor de gezamenlijke groepspot. Het overige bedrag van 4500 pesos volgt dan later. Hiermee worden de kosten van de excursies, toegangsgelden, enkele lunches en fooien grotendeels gedekt. Goede afspraken maken goede vrienden. 
Desirée wordt nog even vergezeld van haar vriendin, die eveneens reisleider is en haar vuurdoop als reisleider zal hebben. Ze maakt volop notities. We hebben er zin in. Er worden twee minibussen voorzien, dus de groep wordt verdeeld in 2 ongeveer gelijke groepen. Ik zit achteraan in de bus en helaas is het raampje te laag, dus ik kan niet filmen. De stoelen zijn heel hard en ik heb amper beenruimte. Mijn plaats in het vliegtuig was heel ruim hiermee vergeleken, realiseer ik mij. We maken kennis met onze chauffeurs, Martín en Fernando. Zij zullen ons begeleiden tot in Bacalar

We zullen tijdens deze reis drie verschillende cenotes bezoeken. De eerste, die vandaag op het programma staat, is cenote D'zitnupt. We bereiken de cenote rond de middag. Deze is gelegen temidden van een prachtige, groene omgeving. Bij de ingang treffen we een man met een prachtige, gigantische ara op zijn schouder. Een foto nemen is natuurlijk niet geheel gratis. Onderweg spotten we de vrouwelijke versie van de ceibaboom. De cenote zelf bereiken we door af te dalen via gelijkmatige trappen in een grot. De cenote* (*een natuurlijke zoetwatergrot die ontstaat doordat kalksteen is ingestort en het onderliggende grondwater blootlegt) is volledig omsloten door de grot. Bovenaan is een klein, open gat waar het licht invalt. Er zijn kleedhokjes aanwezig en een douche vooraf is verplicht. Ook is het verboden om ter plekke zonnecrème te gebruiken. Immers, de Maya's dachten dat cenotes de poort naar de onderwereld waren en tegelijk de woonplaats van de regengod Chaac. Ze brachten dan ook veelvuldig offers om de regengod te vriend te houden. Nog steeds worden er rituelen en ceremoniën gehouden in een nabijgelegen ruimte, bijvoorbeeld ter gelegenheid van een huwelijk. 
Een zwemvest is verplicht. De cenote is vrij diep maar aan de kant zijn enkele glibberige rotsen met uitsteeksels, dus waterschoenen zijn aanbevolen. Af en toe zie je een vis of piepkleine visjes, maar veel stelt het niet voor dus een onderwatercamera mag je gerust achterwege laten. Er zijn ook enkele touwen gespannen dwars over de cenote. Dit in de eerste plaats voor de veiligheid en als rustpunt. Het water is heerlijk koel, dus het is aangenaam zwemmen en met deze hitte is afkoeling op zijn plaats. De stalactieten, stalagmieten en muren van de grot zijn natuurlijk uitgesleten, als gevolg van de laatste ijstijd. Hier en daar kan je dus fossielen ontdekken. De cenote zelf is bijzonder en heeft een mystieke sfeer. Het is een populaire cenote, maar het valt wel op dat wij hier de enige zijn op dit moment. 
Meteen erna begeven we ons naar cenote Samula. Deze bevindt zich op loopafstand van de andere. Ook hier moet je eerst even douchen omwille van hygiënische redenen. Deze cenote bevindt zich ook in een grot, maar heeft een ruimer gevoel en is minder mooi en sfeervol.

Na het omkleden begeven we ons naar restaurant Los Arcos in Valladolid voor de lunch. Het is ruim half drie, maar dat is een normaal tijdstip voor de Mexicanen om te lunchen. Voor ons is het even wennen. Ik was even bang dat we naar de Burger King zouden gaan, die er recht tegenover ligt. 
Het restaurant is erg gezellig en nogal druk ingericht. De muren hangen vol curiosa. In een hoek van de ruimte is een dame voortdurend tortilla's aan het maken. Ze maakt geen aanstalten als we foto's willen nemen. We installeren ons aan een lange tafel en enkele medereizigers proberen een verbinding op te zetten met hun smartphone. Immers, de Rode Duivels zijn aan hun kwartfinale bezig tegen Spanje, en dat willen we natuurlijk niet missen. Het wordt dus nog een spannende middag. 
We bestellen een shared platter voor vier personen. Deze schotel wordt vergezeld van vier aparte gerechtjes, waaronder red onion en een portie tomaten met ajuin. Natuurlijk mag de habanerosaus niet ontbreken, maar gelukkig is er ook een minder pikante saus. Het smaakt heerlijk. Als we naar het hotel rijden, vernemen we dat de Rode Duivels hebben verloren met 2-1, maar bij dit schrijven is bekend dat Spanje uiteindelijk wereldkampioen is geworden, dus slecht hebben ze het allerminst gedaan! 

Het centrum van Valladolid is overzichtelijk en gezellig. We steken dwars het prachtige groene park met de twee fonteinen over. Typisch, en dit geldt blijkbaar voor veel Latijns-Amerikaanse landen, is dat het om een ronde vorm gaat. Wat meteen opvalt zijn de typisch witte, stenen stoelen met tweezit* (*zie foto), die her en der verspreid staan in het park. Deze stoelen komen we later ook nog tegen op andere plaatsen in Mexico. Er staan een handvol kraampjes waar lekkernijen verkocht worden. 
We krijgen een korte rondleiding van onze gids. We steken de straat over en brengen een bezoek aan de prominente Iglesia de San Servacio, gelegen vlak naast het park. Het is het eerste bouwwerk in barok stijl, gerealiseerd door de Spanjaarden, dat we mogen aanschouwen. Het resultaat van bijna vijf eeuwen, gebouwd bovenop de heilige Maya-stad Zakí
In tegenstelling tot de meeste andere gebouwen, is deze kerk naar het noorden gericht. De ingang is rijkelijk versierd in Churrigueresque-stijl. De kerk herbergt het belangrijke beeld van Virgen de la Candelaria, de beschermheilige van Valladolid. Er worden nog steeds met regelmaat katholieke diensten gehouden in de kerk. We nemen een kijkje binnenin en zetten daarna koers naar het ernaast gelegen Palacio Municipal (oftewel het stadhuis), alweer een typisch voorbeeld van Spaanse koloniale architectuur. De gevels met regelmatige bogen zijn geschilderd in warme gele en lichte tinten. Dit zullen we later nog meer zien in de provincie Yucatán
Op de eerste verdieping bevindt zich de Schilderijenzaal, waar vier grote olieverfschilderijen te zien zijn van de Yukateekse kunstenaar Manuel Lizama. Deze werken, vol indrukwekkende details, illustreren de geschiedenis en revolutie van de stad Valladolid. Van hieruit krijg je ook een mooi zicht op het tegenoverliggende park. Het gebouw is gratis te bezoeken. 

Na dit korte blitzbezoek begeven we ons naar een Banamexkantoor in een aangrenzende zijstraat. We hebben immers dringend pesos nodig. Deze bank hanteert de meest interessante koers, maar zelfs met kosten van de eigen bank doe je nog steeds 15 tot 20 EURO verlies (althans met een Maestrokaart). Ik maak de kapitale fout om slechts een klein bedrag af te halen. Het is interessanter en voordeliger om meteen een groot bedrag te pinnen, en dit kan gaan tot maximaal 500 EURO. Het kan altijd nóg erger, want er is iemand in de groep die er zelfs niet in slaagt om geld te pinnen. Zij stelt voor om een aantal keer ons eten te betalen met de kaart, zodat ze op deze manier aan cash geld kan geraken. Zo zie je maar...

Op 5 minuten loopafstand ligt ons hotel Fundadores. Het is een keurig hotel met ruime kamers. Ik maak meteen, naar traditie, een visitekaartje buit voor mijn verzameling. De kamers zijn gelegen aan een binnenplein met klein zwembad. We treffen geen flesje water op de kamer, maar op de receptie zijn ze zo vriendelijk om onze fles bij te vullen. De badkamer is ontzettend gehorig. We hebben nog een drietal uur om de stad verder te verkennen, maar we zijn moe en we moeten ons nog installeren en een douche nemen. Bovendien breekt er een stortbui los, maar gelukkig zitten we veilig binnen. 
Rond 20 uur besluiten we om eerst allemaal een aperitief te gaan drinken. Het is inmiddels pikkedonker buiten. Ook dat is wennen.Ik opteer voor een mojito. De menukaart (*zie foto) toont wat de mogelijkheden zijn. Uiteraard neemt tequila een belangrijk hoofdstuk in. Er is zelfs iemand bij die een cocktail machu picchu bestelt. We merken gauw waarvan de naam komt. 

De kop is eraf en we klinken op onze reis met de gevleugelde woorden: "ARRIBA, ABAJO, AL CENTRO, PA'DENTRO!". De toon voor de komende drie weken is gezet. Na afloop besluiten sommigen onder ons niet mee te gaan dineren. In plaats daarvan luister ik naar mijn lichaam, dat al ruim 48 uur lang in wakende toestand verkeert. Ik weet niet wat precies overstemt, het gesnurk van mijn kamergenote of het eindeloze geratel van de airco, maar mijn lichaam vraagt duidelijk om slaap. Hoewel ik uiteindelijk slechts 5 uur geslapen heb, maakt dit al een wereld van verschil. De jetlag zit duidelijk nog onder mijn huid. 

de beide vluchten van Brussel naar Madrid en van Madrid naar Cancún, uitgevoerd door Air Europa, verlopen ongewoon vlot

een overstap op de luchthaven in Madrid...

"Arriba, abajo, al centro, pa'dentro!" We klinken op ons verblijf in Mexico.

op veel plaatsen zijn enkele dames druk in de weer met het bakken van tortilla's, zo ook hier in het restaurant Los Arcos nabij Valladolid

een kijkje nemen in de Iglesia de San Servacio, valladolid

Iglesia de San Servacio: detail, glasraam

op de bovenverdieping, de Schilderijenzaal, van het Palacio Municipal in Valladolid zijn enkele olieverfschilderijen te bewonderen van Manuel Lizama die samen de geschiedenis van de stad vertellen

deze drankenkaart geeft een idee van de verschillende opties in Mexico



woensdag 8 juli 2026

Een gloednieuw continent

Na een zoveelste druk werkjaar (ik krijg elke keer het gevoel dat het elk jaar alleen maar drukker wordt) is het hoog tijd voor een welverdiende vakantie. Diep in mij schuilt een echte levensgenieter, die graag de nodige uitdagingen aangaat. Niet voor niets krijg ik vaak te horen dat ik joie de vivre uitstraal. Op vakantie ben ik in elk geval vaak veel spontaner en een pak gemoedelijker dan in het dagelijks leven, en dat is een goede zaak. 
Aan de vooravond van mijn grote avontuur deel ik alvast mee dat ik ook deze keer weer verslag (in meerdere delen) zal uitbrengen over mijn rondreis op deze blog. Dit zal nog wel een hele tijd duren, aangezien ik geen tablet meeneem. Gelukkig volstaan handgeschreven notities ruimschoots.

Om de zoveel jaren probeer ik een grote reis mee te pikken. Ruim 10 maanden lang zit ik immers aan huis en werk gekluisterd, waardoor de kansen op zelfs maar een weekend weg erg schaars zijn doorheen het jaar. Zonder aarzelen kies ik deze zomer voor Mexico. Samen met 14 medereizigers en reisbegeleidster Desirée van reisorganisatie Koning Aap ondernemen we een reis van ruim 3 weken naar dit magische land. Meer specifiek bezoeken we het meer toeristische zuidelijke deel, doch begeven we ons ook een stukje het binnenland in en ontdekken ook enkele authentieke plekken zoals bijvoorbeeld San Cristobal de las Casas
Waarom Mexico? De reden is eenvoudig. Het land is een mooie mix van cultuur, natuur, geschiedenis, strand en lekker eten.Mijn mooiste verre reis tot nog toe was naar de ongerepte Kleine Sunda Eilanden in Indonesië, eveneens aan de tropen gelegen. Ik was destijds onder de indruk van de immense vegetatie. Daar ontdekte ik dat de nabijheid van water toch ook een meerwaarde is voor mij, hoewel ik mij in de jungle, bergen of een bos ook prima voel. Het wordt de kennismaking met een nieuw continent. Er bestaat veel verwarring over, maar officieel behoort Mexico tot Noord-Amerika, en niet tot Zuid-Amerika zoals in sommige reisgidsen en media wordt beweerd.

Jammer genoeg heb ik, als grote cultuurliefhebber, Mexico-City niet aan de route toegevoegd maar een vliegreis is een hele beproeving wegens mijn aangeboren scheef neustussenschot.

In elk geval ligt er alweer een bucketlist klaar (met veel marge tot aanvullingen):

-voet zetten op een nieuw continent: Amerika
-een nieuw nationaal park bezoeken
-douchen onder (en ook achter) een grote waterval
-de noordelijke Atlantische oceaan oversteken (en liefst ook terug)
-de heerlijke Mexicaanse keuken exploreren
-piramides en ruïnes bezoeken
-één van de zeven wereldwonderen bezoeken (Chichén Itza)
-nieuwe vervoersmiddelen uitproberen (waaronder een catamaran)
-nieuwe, onbekende gerechten uitproberen (gelukkig ben ik een makkelijke eter)
-nieuwe wateractiviteit uitproberen: suppen op een meer
-een chocoladeworkshop doen
-snorkelen in het op één na mooiste rif ter wereld
-een kolonie flamingo's spotten in hun natuurlijke habitat
-zwemmen in cenotes (een soort watergrotten)
-boottocht in de indrukwekkende Sumiderokloof
-7 schitterende accommodaties ontdekken
-thuis komen met een rits souveniers (gelukkig voor mij hanteert luchtvaartmaatschappij Air Europa een ruime marge in gewicht van ruimbagage en handbagage)?
-...

...En nu spoedig nog een paar woordjes Spaans doornemen. Ik ben er klaar voor, dus laat die tequila en margarita's en mariachi maar aanrukken!



dinsdag 19 augustus 2025

De Transardense route: (in) het hart van de Ardennen

Ik keek er van tevoren volop naar uit, een drieweekse vakantie naar Mexico. Tot je, na al die maanden, te horen krijgt dat je groepsreis geannuleerd wordt wegens 'te weinig inschrijvingen'. Even een serieuze domper, maar niet getreurd. Op mijn lijstje staan ook nog drie wandelvakanties vermeld, met name de Transardennaise, de Venntrilogie en het Mullerthal Trail. 

Zo gezegd, zo gedaan. Ik besluit de laatste vier van de in totaal zeven etappes te doen van de Transardennaise. Dit is, zo lees ik, één van de allermooiste lange afstandswandelingen in België. Steevast staat ze vermeld in top-3 lijstjes. Deze wandelroute start in La Roche-en-Ardenne en eindigt in Bouillon. Ze wordt georganiseerd door La Maison de la Randonnée, is 151 km lang en heeft een geel-witte markering. Door het wandelen van deze route leer je pas de échte ardennen kennen, ver weg van de gebaande paden. 

Reeds voor de derde keer doe ik beroep op de diensten van Europ Avonture, een reisbureau gespecialiseerd in wandelvakanties. Daarnaast bieden ze ook fietsvakanties, en hun arrangementen zijn niet beperkt tot België. Eerder boekte ik via hen al een pakketreis voor de Eisleck Trail en het Sentiers d'art pad. Beide verslagen hierover kan je elders terugvinden op deze blog. Ik doe ook beroep op bagagetransport, waardoor ik slechts een rugzak (18 liter) met een aanvaardbaar gewicht van 8 kg moet dragen. Een regenjas of extra vest heb ik al niet nodig, dus dat bespaart gewicht. Een powerbank en smartphone, een (hittebestendige) lunchbox, zonnecrème, deet, enkele snacks, toiletpapier, een zakmes, een hoofdlamp, een kleine EHBO-kit, een zonnebril, een verrekijker, een compact fototoestel, een sneldrogende en compacte handdoek, drie drinkbussen, een wandelboekje en routekaart was alles wat ik bij (en ook nodig) heb. 
Mijn bagage bestaat verder uit een kleine koffer van ongeveer 9 kilo, met (reserve)kleren, één paar waterschoenen en één paar lichte sandalen, een compact medicijnkistje, ondergoed, enkele koeken en mijn toilettas. Immers, ik verblijf elke avond in een ander hotel en in sommige hotels wordt een gastronomisch menu aangeboden. Hier moest ik natuurlijk ook op voorzien zijn. Een mens moet nu eenmaal zijn wereld kennen. Ik doe de hele tocht in hetzelfde merinoshirt en korte wandelbroek. Ik draag ook dezelfde wandelsokken en sportbenodigdheden. 
Dit alles heeft ervoor gezorgd dat mijn tocht probleemloos is verlopen. Ik blaak van gezondheid, en mijn lichaam stelt het prima. Ik heb geen pijntjes of blaren, of wat dan ook... mogen ervaren. Uiteraard voelde ik het wel een beetje aan mijn spieren wanneer ik uit bed stapte, maar dat lijkt me normaal. 

Het was natuurlijk bang afwachten naar de weersomstandigheden. Niemand wil graag regen op zijn of haar vakantie, maar slecht weer werd het allesbehalve. Voor de zoveelste keer op rij (!) was geluk mijn deel. Ik mocht genieten van vier dagen volop zomerweer. Geen wolkje te bespeuren. Elke dag werd het een paar graden warmer, en de apotheose volgde op de vierde (en laatste) dag van mijn wandelvakantie met maar liefst een tropische 34° op het warmste moment van de dag. Omdat het de langste dag was werd dit een ware beproeving, omdat de route deels door bos en deels door open vlaktes ging. Een goede voorbereiding is dan ook erg belangrijk. 
Doordat de hoogteverschillen steeds gering waren (ik ervaarde deze wandeltochten als veel minder zwaar ten opzichte van de meer avontuurlijke Eisleck Trail), en de ondergronden in het algemeen makkelijk begaanbaar, was de hittegolf draaglijk. Ook de route is zeer goed en duidelijk aangegeven. Een enkele keer was er twijfel, bijvoorbeeld op een kruispunt, maar dan is er de kaart die opheldering brengt. Of simpelweg een goede dosis common sense. Of op het einde, als het traject resoluut zuidwaarts gaat, is er de zon die de weg wijst.

Ik begon aan deze vierdaagse zonder enige fysieke voorbereiding, dus het was een sprong in het diepe. Tegelijk is dit een nieuw wandelrecord voor mij, want ik legde in totaal 105 km af op 4 dagen tijd. De enige voorbereiding was tijdens het wandelen letten op mijn voeding, en uiteraard veel en regelmatig drinken. Naar het einde toe nam ik steeds vaker een korte minipauze (van ongeveer 5 minuten), om te drinken. Ik ben ook altijd mijn eigen wandelritme trouw gebleven, en luisterde goed naar de signalen van mijn lichaam. Kort gezegd was de hitte de grote boosdoener tijdens deze tocht. Ik beschikte over twee waterflessen met ingebouwde filter. Deze kon ik, vooral tijdens de laatste etappe, zorgeloos bijvullen bij een bron in het dorp. Ook deed ik elke ochtend een elektrolytentablet in mijn drinkbus, om de verloren zouten en mineralen door het overmatige zweten weer aan te vullen. Goed materiaal doet verder de rest: stevige, goed ingelopen wandelschoenen en een rugzak op maat. En last but not least: wandelstokken! Niet alleen ter ondersteuning van het wandelen op (licht) heuvelachtig terrein, maar evenzeer om de ondergrond in te schatten in moerassig gebied. En uiteraard een grote hulp helemaal op het einde van de wandeltocht, bij de steile afdaling naar Bouillon. Ik heb veel geleerd uit mijn vorige wandeltochten. Hoe kan ik mijn uitrusting zo essentieel mogelijk maken? Ik heb verder ook leren doseren en indelen.

Zaterdag 9 augustus 2025 is het dan zover. Na een vlotte rit kom ik onder een stralende zon toe in Nassonge, een schattig klein dorpje. Op het moment dat ik er arriveer is er net een huwelijk aan de gang. Alle genodigden zien er piekfijn uitgedost uit. Mooi om te zien. Het eerste hotel Le Beau Sejour is vlakbij. Ze hebben een heel mooie tuin met een fontein. Bij aankomst ontvang ik, naar traditie, een wandelpakket met daarin alle nodige informatie. Mijn kamer bevindt zich in het bijgebouw, waar ook het zwembad is gelegen. Ik neem meteen een duik in het ijskoude water. Wat doet het deugd! De zonnestralen schijnen uitbundig door de ramen, en in een mum van tijd ben ik droog. 
s' Avonds wordt er een gastronomisch driegangenmenu geserveerd in het restaurant. De gerechten worden gepresenteerd als echte schilderijtjes. Het smaakt heerlijk en de porties zijn juist goed. Vooral de witte wijn, een Chardonnay rolle uit 2024, is subliem. Ik krijg meteen hoge verwachtingen, maar het ontbijt stelt een beetje teleur. Het is uiteindelijk het minste van de ganse week. Ik bestel een lunch en krijg enkel een korst droog brood, een klein flesje water en een suikerwafel. Fruit mag ik uit de kom halen. Gelukkig voor mij lagen er nog welgeteld 3 kiwi's in de kom. Voor deze service moest ik maar liefst 16 euro neertellen. Later zal blijken dat het elders dubbel zoveel kan zijn voor amper de helft van de prijs. Maar goed, we zijn hier gekomen om te wandelen. 

Op zondag 10 augustus vat ik, gepakt en gezakt, de tocht aan omstreeks 9 uur s'ochtends. Ik start op het (kruis)punt waar ook de Transfamenne start, dus even goed opletten dat ik de juiste richting naar Mirwart volg. Sowieso ben ik goed ingelezen. Vooraf neem ik de kaart al gauw even door. Dit wordt de kortste (en ook wel makkelijkste) etappe met slechts 17 km. Het pad loopt in grote lijnen gelijk met de GR 14 (die wél in omgekeerde richting bewegwijzerd is), wat een goed referentiepunt is. 
De weersomstandigheden zijn, met 24° maximaal, ideaal te noemen. In de bossen is het heerlijk koel. Dit is makkelijk wandelen. Het parcours gaat ook regelmatig over een verharde weg. Ik kom onderweg al wat paddenstoelen tegen. Later zoek ik ze op en kom te weten dat het om de geschubde inktzwam gaat, een eetbare paddenstoel. Ook kom ik ontelbaar veel dierensporen tegen, diep in het woud. Dit lijkt me bezwaarlijk van honden te zijn. Af en toe wordt het uitzicht in open vlaktes belemmerd door hoge maïsvelden. Een enkele keer kom ik een appelboomgaard tegen. 
De nazomer is in aantocht, en dat valt volop te merken. Er zijn overal braamstruiken, en blauwe bessen in overvloed. De insecten vliegen weelderig in het rond. Ik merk verschillende soorten vlinders op, waaronder de citroenvlinder. Dieren heb ik niet gezien, maar hun sporen des te meer. In de verte merk ik de rookpluimen van een fabriek op. De rivier de Lomme is regelmatig mijn gezel, en haar nabijheid zorgt voor extra koelte. Ik zal later ook nog achtereenvolgens de Lesse, de Our en tenslotte de Semois treffen. 
Het is heerlijk wandelen vandaag. In de buurt van het dorp Awenne moet ik even goed opletten welke richting ik uit moet. Ik lunch er midden in het bos, maar de komende dagen heb ik meer geluk en vind comfort in een dorpje met een mooi uitzicht. Ofwel een ruime picknickplek midden in het bos. Ik eindig vandaag in het dorpje Mirwart, aan de kerk. Iets verderop zie ik het kasteel opdoemen. Dit dorp wordt gezien als één van de mooiste van Wallonië, zo lees ik in de gids. Van hieruit moet ik het pad verlaten en, volgens de GPS, maar liefst 9 km wandelen naar mijn accommodatie in het nabijgelegen Poix-Saint-Hubert. Ik pik nog een kleine kilometer mee van de route, tot aan de vijvers in het Provinciaal domein van Mirwart. Een mooie plek om een selfie te nemen. 
Uiteindelijk bereik ik, zonder verdere ongelukken, hotel Le Val de Poix. Ik krijg in het begin even de indruk dat ik in een doolhof terecht kom. De dame aan de receptie is een Vlaamse. Die ene keer doe ik de conversatie in het Nederlands, maar verder doe ik zo goed en zo kwaad als het kan mijn best om Frans te praten. Ik krijg een kamer met uitzicht op de (gelukkig niet zo drukke) straatkant. s' Avonds word ik vriendelijk bediend en krijg een heerlijk driegangenmenu voorgeschoteld in de plaatselijke brasserie. Het is erg kalm in het hotel. Wanneer de andere aanwezige gasten vragen naar mijn plannen, zijn ze allemaal enigszins verbaasd. 'Helemaal alleen?' 'Wow!'. Ik krijg de indruk dat het kennelijk toch een bijzondere prestatie moet zijn. 
De volgende ochtend nuttig ik (op één persoon na) als enige gast het ontbijt. Ik kaart nog even na met de receptioniste, want weldra word ik om 09.30 uur (wat ik persoonlijk nogal laat vind) opgepikt door Alexandra van Europ Avonture. Ze is bijna 10 minuten te laat, omdat ze geen parkeerplek kan vinden.

Ik start mijn wandeling pas om 10.10 uur aan de vijvers in Mirwart. Van hieruit is het doel vandaag Daverdisse. Het is weerom een prachtige dag, en de temperaturen klimmen naar 28°. Doordat ik veel in de bossen vertoef, is het nog steeds heel aangenaam wandelen. Het is fijn om langs het water te stappen. De zon maakt sterke slagschaduwen in het bos. Ik passeer vandaag drie dorpjes, waaronder het bekende boekendorp Redu
Vooreerst doorloop ik Transinne. Ik bemerk bij de ingang van het dorp aan de linkerkant een groene deur met een slot. Wat zou hier achter schuil gaan? Transinne is een prachtig rustig dorpje, en ik neem mijn middagpauze aan een picknicktafel onder de schaduw van een hoge boom, met uitzicht op het plein met zijn indrukwekkende oorlogsmonument. De kinderen van het nabijgelegen huis spelen buiten. Ik bedenk dat het hier heerlijk wonen moet zijn met zo'n fantastisch uitzicht. Maar ik moet alweer verder... Wanneer ik het dorp verlaat zie ik een honderdtal vogels op de hoogspanningskabels zitten. 
Ik nader, na een stuk bos, het dorp Redu. De tractors zijn volop bezig de hooibalen te verzamelen om op te slaan voor de komende winter. Helaas heb ik geen tijd om het plaatselijke museum te bezoeken. Ik neem een korte pauze in een kleine speeltuin aan de overkant van de kerk. Er hangen overal mooie affiches met gedichten. Er zijn verder heel wat drinkgelegenheden. Sommige zijn open en andere niet. Ik vervolg mijn weg door een open vlakte, en kort later passeer ik het ESEC (= European Space Security and Education Centre) met zijn talrijke satellietschotels en vele vlaggen. Dit lijkt me ook een selfie waard. Langs de kant van de weg zijn her en der kleine mozaiëken tekeningen op stenen aangebracht, allemaal rond het hetzelfde thema. De weg vervolgt naar rechts, langsheen het volledig afgespannen terrein. Dan volgt weer een stukje bos. 
Na twee kilometer even opletten. Ik moet een klein zandpaadje in naar links. Dit daalt tamelijk steil af naar de rivier de Lesse. Deze rivier volg ik nog een tijdje. Het is een prachtige, idyllische omgeving. Kort later nader ik inderdaad een asvaltweg. Volgens de beschrijving op de voucher moet ik hier naar rechts. Ik volg de weg en kom uit bij de Moulin de Daverdisse. Dit hotel is werkelijk prachtig gelegen en oogt erg imposant. Wanneer ik toekom, lijkt het wel alsof ik een impressionistisch schilderij van Monet binnenstap. Ik krijg de mooiste en ruimste kamer van de week, met zicht op de grote tuin en de rivier de Lesse. Ik ben in mijn nopjes. Ik kom toe om 17.30 uur, dus dat is wat laat om het aanwezige zwembad nog uit te proberen. Eerst gauw een douche, daarna uit- en inpakken. Vervolgens dineren om 19 uur en 2,5 uur later is het alweer bijna tijd om te gaan slapen om fit te zijn voor de volgende dag. Ik besef dat ik halfweg ben. Ik kijk mijn ogen uit in dit hotel. Alles is bijzonder smaakvol ingericht, en in elke hoek van de gang valt wel een interessant object te spotten. Het gastronomische diner is werkelijk een voltreffer, en het dessert is ronduit subliem. Hier heb ik, ongetwijfeld, het beste gegeten van heel de week. Alsof ik het reeds besef, neem ik mijn happen extra traag. Gelukkig val ik met mijn eenvoudige zwarte jurk en minieme juwelen niet helemaal uit de toon in dit chique restaurant waar de champagne rijkelijk wordt geschonken. Ik hou het bij een glas rode wijn, kwestie van de volgende dag nog op één lijn te kunnen lopen. Dit was echt een bijna goddelijke maaltijd! Dit hotel is een echte aanrader, in elk opzicht.

Het is dinsdag 12 augustus, de temperaturen klimmen vandaag nog hoger en overschrijden de grens van 30°. Na een goede, rustige nachtrust en een stevig ontbijt (dat ik neem op het volledig met glas overdekte terras) vertrek ik om 9 uur vanuit het hotel. Alweer is de receptie onbemand. Na het belletje wacht ik ongeveer 10 minuten, maar er komt niemand opdagen. Ik zou graag willen uitchecken. Uiteindelijk komt er iemand uit de keuken, en kan ik goed en wel vertrekken. Helaas moet ik deze geweldige plek verlaten. 
Het eerste uur wacht een gestage klim. Gelukkig is het nog vroeg op de ochtend. Ik doorkruis het dorp van Daverdisse. Er wacht mij vandaag een bijzonder mooie etappe met tal van mooie uitzichtpunten en weidse vergezichten. Ik voel dat de warmte vandaag een grens overschrijdt. Het wandeltempo ligt hierdoor tegen het einde van de dag iets trager, maar dat is niet zo erg. Gemiddeld zit ik zo rond de 4 km per uur, maar ik neem wel meer kortere pauzes tussendoor. Ik fotografeer een verlaten zonnebloem, midden in een wei waar het pad even heel breed uitloopt. Overal liggen hooibalen, verspreid over de velden. 
Even is het heerlijk wandelen door Le grand bois, tot ik langs het dorp Pocheresse kom, en verwelkomd wordt door enkele schapen. Ik bemerk er onder andere een goed gevuld boekenkastje. Wanneer ik aankom in het prachtige dorpje Our, genoemd naar de gelijknamige rivier, maak ik nog even een selfie bij de brug. Kort verder vind ik in het centrum van het dorp een mooie plek in de schaduw om te lunchen. Ik schrik even wanneer er uit het niets een grote hond op mij komt afgestormd. Ik heb gelukkig net gegeten. Ik blijf kalm. Het dier besnuffelt onderzoekend mijn lunchbox, die gelukkig dicht is. Kort later komt zijn baasje er aan. Dat was even spannend! Ook tijdens de Eisleck Trail kwam ik, op een verlaten gebied, een zwerfhond tegen. Op dat moment kruiste ik toevallig tegenliggers, maar het dier behoorde blijkbaar niet tot hen. Gelukkig was de hond niet agressief en volgde het enthousiast deze mensen (en niet mij in de tegengestelde richting).
In het aansluitende bos zitten zeven (weliswaar stenen) kabouters verstopt. Ik kan er een aantal spotten. Hier en daar is al veel bos gekapt, waardoor er open plekken zijn ontstaan. Ik passeer achtereenvolgens nog de dorpjes Beth, Frene en Opont. Ik tref een vijver aan mijn rechterkant. De laatste kilometers van de dag gaan door bos, waaraan een camping gelegen is. Ik hoor luide muziek, en het is er een drukte van jewelste. 
Na enige tijd bereik ik het punt La Tannerie, waar ik de weg moet verlaten en mij naar links begeef richting het dorp Paliseul. Het is exact nog 2 kilometer wandelen tot aan mijn accommodatie La Hutte Lurette. Het ligt het verste van de drie aangeboden accommodaties, nog een stukje voorbij de kerk. Bij aankomst komt er al meteen een vriendelijke dame op mij toegelopen. Ik wissel nog even mijn zonnebril voor mijn gewone bril. Via een steil trapje (een lift is er niet en er zijn maar enkele kamers) bereik ik mijn kamer. Het is een éénpersoonskamer, met uitzicht op de drukke straatkant. Het is er erg krap, dus het wordt even zoeken om alle spullen een plekje te geven. Deze keer zorgt Europ Avonture ervoor dat mijn bagage telkens mooi op tijd komt. 
Ik ben extra vroeg vandaag, want ik ben er al om 16.15 uur. Het diner, buiten op het zonovergoten terras, is oké. Voor het eerst deze week staat er vis op het menu, dus ik ben blij. Morgen wordt de langste, alsook de warmste dag. Ik neem dus alvast mijn voorzorgen en vraag of ik reeds om 7 uur mag ontbijten. Dat is gelukkig geen enkel probleem. Sterker nog, de volgende ochtend blijkt dat alle aanwezige gasten een vroeger ontbijt hebben gevraagd (en die gaan kennelijk niet allemaal wandelen). Ik houd er ook rekening mee dat ik morgen uitzonderlijk géén rivier (= lees: water) zal ontmoeten, tenzij dan voor enkele minuten de Semois bij aankomst in Bouillon

Het opstaan is altijd spannend, maar met de spieren en conditie zit het blijkbaar goed. Ik ondervind nog steeds geen hinder. Het voelt alsof ik de wereld aankan! Ik stretch na afloop van de wandeling slechts een minuut, maar dat is kennelijk prima voor mijn lichaam. Een goede nachtrust doet ook altijd wonderen. Het wordt bloedheet, dus om 08.10 uur ben ik weg, en ik zal pas om 17.15 uur arriveren in Bouillon. In deze stad was ik reeds eerder, enkele jaren geleden, dus ik ken de omgeving en weet al waar mijn hotel zich ongeveer bevindt. 
Helaas gaat de tocht vandaag ook veel door open vlaktes, dus ik neem regelmatig korte pauzes om te drinken. Naarmate de kilometers vorderen en de zon hoger klimt, wordt het moeilijker. Mijn conditie is wel nog prima en mijn lichaam geeft geen enkele keer een verkeerd signaal. Toch ben ik heel alert, want de hitte is drukkend. Op een gegeven moment loop ik even langs een spoorlijn, in de buurt van Carlsbourg, door het hoge gras. Wat een geluk dat ik hoge schoenen aan heb! Even later moet ik een drukke weg oversteken, en merk ik op dat we hier op de grens tussen de provincies Namen en Luxemburg zitten. 
Bij het verlaten van Mogimont, in de richting van het bos van Menuchenet, volgt er een gestaag klimmetje. Op hoogte gekomen heb je een prachtig uitzicht op het dorp. Na later een plateau te bereiken met prachtige vergezichten, beland ik in het (bijna) laatste dorpje Sensenruth. Het is meer een grote straat waar ik door wandel. Andermaal stel ik vast dat het hier heerlijk wonen moet zijn met zulke uitzichten. De kerk staat iets verderop, maar de route slaat vooraf naar links af. Ik besluit om toch door te stappen, want het is uitzonderlijk warm en er volgen nog enkele moeizame kilometers in open vlakte.

De harde weg omhoog naar het Belvédère (= een houten uitkijktoren die uitzicht biedt op de stad Bouillon) is een beproeving. Ik doe het rustig aan, en elke stap brengt me dichter. Ik ken de toren en besluit voor een tweede maal de 344 treden te betreden. Boven gekomen neem ik een finale selfie. Op deze manier heb ik een bewijs en kan ik vergelijken met de selfie van enkele jaren geleden. Het uitzicht is het weerom waard. Na nog een aantal slokken water zet ik, voor de tweede maal, de afdaling naar de stad Bouillon in, langs een smal en steil bospaadje. Ik stel mijn wandelstokken in en daar ga ik! Met een beetje fantasie stel ik mij voor dat ik in een soort rollercoaster in een pretpark zit, met al die scherpe bochten. De laatste kilometers gaan snel. Opletten dat ik niet struikel of, nog erger, in de afgrond val. 
Beneden kom ik aan bij de Pont de Cordemois. Ik ga even op een bankje zitten om te bekomen. 30 km op de teller, in die loden hitte! Mijn missie is geslaagd. Mensen zoeken verkoeling in de rivier. Snel vind ik mijn hotel Au duc de Bouillon. Ik heb er geen hoge verwachtingen van, maar alles valt beter mee dan verwacht. Het diner, in het Italiaanse restaurant, bestaat slechts uit twee gerechten. Voor het eerst in mijn leven proef ik ossobuco. Dit is een typisch Italiaans gerecht op basis van kalfsvlees en pasta. Het smaakt heerlijk, maar ik voel dat ik erg moe ben. De kamer is ruim, en het bed uitstekend. Meteen val ik in een diepe slaap. Later op de avond word ik bruusk gewekt door een hevig onweer, met alles op en aan. Gelukkig dat ik nu veilig binnen zit. Ik val snel terug in een diepe slaap. Ook het ontbijt de volgende ochtend stelt niet teleur. Alweer ben ik de enige gast, maar er is keuze in overvloed. Ronduit het beste ontbijt van de week. Nota bene in een driesterrenhotel. 
Voldaan, vol nieuwe indrukken, trek ik nog drie dagen naar Houffalize om in alle rust te relaxen en deze blog neer te schrijven.

De harde cijfers per etappe:

-etappe Nassonge-Mirwart (17 km) + 9 km naar accommodatie = 26,97 km in totaal:
2264 calorieën, 5u24 in beweging, 36201 voetstappen, max. 24°

-etappe Mirwart-Daverdisse (23 km)+ 1 km naar accommodatie = 24,22 km in totaal:
2026 calorieën, 4u56 in beweging, 32713 voetstappen, max. 28°

-etappe Daverdisse-Paliseul
(22 km) + 2 km naar accommodatie = 24,01 km in totaal:
2004 calorieën, 4u55 in beweging, 32529 voetstappen, max. 31°

-etappe Paliseul-Bouillon (27 km) + 1 km naar accommodatie = 29,32 km in totaal (treden Belvedere niet meegerekend en exclusief 0,5 km naar de accommodatie):
2454 calorieën, 5u55 in beweging, 39551 voetstappen, max. 34°

data wandelingen: 10, 11, 12 en 13 augustus 2025

Ik heb de Transardennaise ervaren als een zeer mooie, gevarieerde wandeltocht. Alhoewel de Eisleck Trail qua hoogteverschillen en ondergrond veel uitdagender was, zet ik beide tochten op gelijke hoogte qua natuurpracht, cultuur en geschiedenis. Vooral de twee laatste etappes waren de moeite. Helaas heb ik, grotendeels door de warmte, geen tijd gehad om een attractie, kerk, museum of dorp te bezoeken. Het lijkt me fijn om bij (of voor) dageraad een tocht aan te vatten. Je hebt dan ook meer kans om dieren te spotten en je kan mooiere foto's maken met een zachtere lichtinval. Desalniettemin kijk ik met grote tevredenheid terug op dit avontuur. Ik heb mezelf fysiek overtroffen en sta er eigenlijk zelf van te kijken!

Opnieuw ben ik heel erg tevreden over de reisorganisatie Europ Avonture. Alles is vlot verlopen en de accommodaties zijn stuk voor stuk met zorg uitgekozen. Het enige minpuntje is het feit dat ik in vier hotels niet zo'n mooi (of een enkele keer zelfs geen) uitzicht had in mijn kamer. Halverwege was er ergens een misverstand (vergetelheid van het hotel bij het registreren bij het uitchecken), maar dit was meteen vlug verholpen. Een volgende keer loop ik de drie andere etappes, maar niet meer in de zomer.

een selfie nemen aan de vijvers in het provinciaal park van Mirwart

fauna en flora

rookpluimen in de verte, een fabriek

de nazomer brengt al heel wat vruchten met zich mee: blauwe bessen in overvloed, maar ook bramen, appelen, peren,...



longshot, weidse landschappen onderweg en de zon draait overuren


de Transardennaise loopt regelmatig gelijk met het GR-pad 14 (richting Sedan)

de eerste paddenstoelen gespot, en deze zijn eetbaar

een close-up: vijvers van het Provinciaal park in Mirwart, in de late voormiddag gefotografeerd

vele sporen van dieren

de zon zorgt voor grote slagschaduwen in het landschap

kapel

Transinne, wat houdt er zich schuil achter deze deur?

ik nuttig mijn lunch op het dorpsplein van Transinne

fleurige decoratie in het straatbeeld, mensen houden van een vleugje humor in hun tuin

de route is goed bewegwijzerd, dus verdwalen is uit den boze

de tractors zijn overal druk in de weer, want de herfst nadert

fauna en flora 

de aankomst in boekendorp Redu

in Redu hangen overal mooie affiches

wandelen langs het ESEC

wandelen langs het prachtige natuurgebied van de Lesse, één van de hoogtepunten

weidse vergezichten 

een eenzame zonnebloem gespot

de herfst komt eraan, zo getuigen ook de vele hooibalen (in de verte)


kapelletje

leuke verwelkoming in het volgende dorp!

een selfie, genomen bij de rivier de Our

zeven kabouters zoeken in dit bos, maar... rara waar zitten ze verborgen?

helaas is er al heel wat bos gekapt, wat zorgt voor open vlaktes in het landschap


her en der ligt een voorraad hout opgestapeld 


nog een laatste blik op het dorp Mogimont, vanop een plateau iets verderop

...nog meer paddenstoelen

zouden dit de sporen van een zwijn kunnen zijn?


Sensenruth, het op één na laatste (straat)dorpje dat ik zal passeren

nog een selfie vanop het fameuze Belvédère, alvorens de finale afdaling naar Bouillon in te zetten

gastronomisch dineren = noblesse oblige in hotel Le Beau Sejour!

het menu van le Val de Poix

enkele verfijnde hapjes

het beste dessert van de week heb ik gegeten in Le Moulin de Daverdisse

voor het eerst in mijn leven proefde ik het Italiaanse gerecht ossobuco